Statuten van de Bridgeclub Lisse
laatstelijk gewijzigd op 31 januari 1980

 

Artikel 1. De vereniging draagt de naam: "Bridgeclub-Lisse". Zij heeft haar zetel in de gemeente Lisse en is oorspronkelijk opgericht op vijftien oktober negentienhonderd zeventig.

Artikel 2. De vereniging heeft ten doel de beoefening van het bridgespel. Zij tracht dit doel te bereiken door de gewone leden, jeugdleden en ereleden gelegenheid te bieden het bridgespel te beoefenen door het organiseren van wedstrijden, cursussen, oefeningen, het deelnemen aan competities en westrijden en verder door al hetgeen voor de beoefening van het bridgespel nuttig kan worden geacht.

Artikel 3. De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd. Het verenigingsjaar loopt van een september van elk jaar tot en met een en dertig augustus van het jaar daaraanvolgend.

Artikel 4. De vereniging kent gewone leden, jeugdleden, ereleden en begunstigers. Waar in de statuten wordt gesproken van leden worden daaronder verstaan de gewone leden tenzij het tegendeel blijkt.

Gewone leden zijn zij die als zodanig zijne toegelaten overeenkomstig het in artikel 5 bepaalde.

Jeugdleden zijn zij die als zodanig overeenkomstig het in artikél 6 bepaalde zijn toegelaten.

Ereleden zijn zij die wegens hun buitengewone verdiensten jegens de vereniging of wegens hun buitengewone verdiensten in het kader van de doelstelling van de vereniging door de algemene vergadering daartoe zijn benoemd

Begunstigers zijn zij, die zich jegens de vereniging verbinden tot het storten van een jaarlijkse donatie van tenminste vijftig gulden en die als zodanig door het bestuur van de vereniging zijn toegelaten.

Artikel 5. Als gewoon lid kan iemand worden toegelaten die daartoe een verzoek bij het bestuur van de vereniging heeft ingediend.

Het bestuur van de vereniging beslist over de toelating. Het bestuur kan zich voor deze beslissing doen adviseren door een ballotagecommissie. Indien het bestuur van de vereniging iemand niet als gewoon lid toelaat, kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.

Artikel 6. Als jeugdlid kan iemand worden toegelaten die daartoe een verzoek bij het bestuur van de vereniging heeft ingediend en de leef tijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt. Het bestuur van de vereniging beslist over de toelating. Het bestuur kan zich voor deze beslissing doen adviseren door een ballotagecommissie. Indien het bestuur van de vereniging iemand niet als jeugdlid toelaat, kan de algemene ledenvergadering alsnog tot toelating besluiten. Een jeugdlid wordt gewoon lid bij de aanvang van het verenigingsjaar dat volgt op het verenigingsjaar waarin het jeugdlid de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt.

Artikel 7. Het lidmaatschap van gewone leden, jeugdleden en ereleden is persoonlijk en mitsdien niet overdraagbaar.

Artikel 8. Het bestuur is bevoegd een lid te schorsen voor een periode van ten hoogste een jaar ingeval hij bij herhaling in strijd handelt met zijn lidmaatschapsverplichtingen of door handelingen of gedragingen het belang van de vereniging in ernstige mate heeft geschaad of indien het bestuur van de Nederlandse Bridge Bond gevestigd te s-Gravenhage dit lid heeft geschorst. Gedurende de periode dat hij geschorst is, kunnen de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet worden uitgeoefend.

Indien de schorsing heeft plaatsgevonden op grond van een besluit tot schorsing van het bestuur van de Nederlandse Bridge Bond voornoemd, heeft de geschorste alleen de rechten van beroep tegen het besluit tot schorsing van het bestuur van de Nederlandse Bridge Bond als omschreven in de Statuten en het Huishoudelijk Reglement van de Nederlandse Bridge Bond.

In alle andere gevallen kan een geschorste tegen het besluit tot schorsing in beroep komen bij de algemene vergadering van de vereniging.

Artikel 9

1. Het lidmaatschap van gewone leden, jeugdleden, ereleden en begunstigers eindigt

a. door overlijden of in geval het een rechtspersoon betreft ingeval deze rechtspersoon ophoudt te bestaan

b. door opzegging door de vereniging of door de betrokkene

c. door royement

2. Opzegging van het lidmaatschap door gewone leden, jeugdleden, ere- leden en begunstigers kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar. Zij geschiedt door een schriftelijke kennisgeving die uiterlijk vier weken voor de laatste dag van het verenigingsjaar in het bezit van het bestuur van de vereniging moet zijn.

Het bestuur van de vereniging is verplicht de ontvangst van deze op- zegging binnen acht dagen schriftelijk te bevestigen.

Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar. Zij geschiedt door een schriftelijke kennisgeving door het bestuur van de vereniging die uiterlijk vier weken voor de laatste dag van het verenigingsjaar per post moet zijn bezorgd.

Indien een opzegging niet tijdig heeft plaats gehad loopt het lidmaatschap door tot het einde van het eerstvolgende verenigingsjaar tenzij degene aan wie wordt opgezegd mocht besluiten en schriftelijk mededelen aan de opzegger dat deze opzegging wordt aanvaard.

3. Royement kan alleen worden uitgesproken wanneer iemand in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeeld heeft of indien de betrokkene door het bestuur van de Nederlandse Bridge Bond gevestigde te s-Gravenhage is geroyeerd.

Het royement geschiedt door het bestuur van de vereniging dat de betrokkene ten spoedigste van het besluit tot het royement schriftelijk op de hoogte stelt onder opgave van de redenen die tot dit besluit hebben geleid.

In alle andere gevallen kan betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het royement in beroep gaan bij de algemene vergadering. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is de betrokkene geschorst.

Indien het royement heeft plaatsgevonden op grond van een besluit van de Nederlandse Bridge Bond voornoemd, heeft de geroyeerde alleen de rechten van beroep tegen het besluit van het bestuur van de Nederlandse Bridge Bond, als omschreven in de Statuten en Het Huishoudelijk Reglement van de Nederlandse Bridge Bond.

4. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar ongeacht de reden of oorzaak eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel door de betrokkene verschuldigd tenzij het bestuur anders besluit.

Artikel 10.

1. De geldmiddelen der vereniging bestaan uit de contributiën van de gewone leden, de jeugdleden, de donaties van de begunstigers, uit entreegelden, uit erfstellingen, legaten of schenkingen en tenslotte uit eventuele andere baten.

2. Jaarlijks wordt door de algemene vergadering tijdens de jaarvergadering vastgesteld welke contributies door de gewone leden en de jeugd- leden verschuldigd zijn en of een entreegeld verschuldigd is en zo ja, welke entreegeld nieuwe gewone leden en jeugdleden moeten be- talen.

Artikel 11

1. Het bestuur bestaat uit tenminste drie personen. Het aantal bestuurders wordt vastgesteld door de algemene vergadering.

2. De bestuurders worden door de algemene vergadering uit de leden der vereniging benoemd. Het bestuur wijst uit zijn midden een secretaris en een penningmeester aan. De voorzitter wordt steeds als zodanig door de algemene vergadering benoemd.

3. De algemene vergadering kan een bestuurslid schorsen of ontslaan indien zij daartoe termen aanwezig acht. Voor een besluit daartoe is een meerderheid vereist van tenminste tweelderde der geldig uitgebrachte stemmen.

4. De bestuurders zijn bevoegd te allen tijde zelf hun ontslag te nemen, mits dit schriftelijk geschiedt met een opzeggingstermijn van tenminste drie maanden.

5. Jaarlijks treden de bestuursleden af. De aftredenden zijn terstond herkiesbaar.

Artikel 12

1. Het bestuur is belast met het besturen der vereniging. Alle bestuurders gezamenlijk alsmede de voorzitter en de secretaris gezamenlijk zijn bevoegd de vereniging in en buiten rechte te vertegenwoordigen. De bestuursleden kunnen zich daarbij door een schriftelijk gemachtigde doen vertegenwoordigen.

2. Voor het beschikken over bank- en girosaldi is de handtekening van de penningmeester voldoende.

Artikel 13

1. Binnen zes weken na afloop van elk verenigingsjaar wordt een algemene vergadering gehouden. Het bestuur brengt in deze vergadering zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van de nodige bescheiden, rekening en verantwoording van zijn in het afgelopen verenigingsjaar gevoerd bestuur.

2. De algemene vergadering benoemt jaarlijks, doch uiterlijk dertig dagen voor de jaarvergadering, een commissie van tenminste twee leden, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur, tot onderzoek van de rekening en verantwoording over het lopende casu quo laatst verstreken verenigingsjaar. De commissie brengt ter jaarvergadering verslag uit van haar bevindingen. Vereist het onderzoek bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de commissie zich door een deskundige doen bijstaan.

3. Het bestuur is verplicht aan deze commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden der vereniging te tonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.

4. Goedkeuring door de algemene vergadering van het jaarverslag en de rekening en verantwoording strekt het bestuur tot decharge.

5. Indien de goedkeuring van de rekening en verantwoording wordt geweigerd, benoemt de algemene vergadering een andere commissie bestaande uit tenminste drie leden, welke een nieuw onderzoek doet van de rekening en verantwoording.

Deze commissie heeft dezelfde bevoegdheden als de eerder benoemde commissie. Binnen een maand na de benoeming brengt zij aan de algemene vergadering verslag uit van haar bevindingen. Wordt ook dan de goedkeuring geweigerd dan neemt de algemene vergadering al die maatregelen welke door haar in het belang van de vereniging nodig geacht worden

Artikel 14

1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur, met inachtneming van een termijn van acht dagen. De bijeenroeping geschiedt door een aan alle leden, jeugdleden, ereleden en begunstigers te zenden schriftelijke mededeling, of door een mededeling op het in het verenigingsgebouw aanwezige mededelingenbord.

2. Behalve de in artikel 13 bedoelde jaarvergadering zullen algemenevergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur zulks wenselijk acht, alsmede zo dikwijls zulks schriftelijk met opgave van de te behandelen onderwerpen wordt verzocht door tenminste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van een tiende gedeelte der stemmen in de algemene vergadering, indien daarin alle leden tegenwoordig of vertegenwoordigd zijn.

3. Na ontvangst van een verzoek als in lid 2 bedoeld is het bestuur verplicht tot bijeenroeping van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek tot bijeenroeping binnen veertien dagen nadat dit door het bestuur werd ontvangen, geen gevolg wordt gegeven, zullen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping kunnen overgaan op de wijze waarop het bestuur de algemene vergadering bijeenroept.

Artikel 15.

1. Alle gewone leden, jeugdleden, ereleden en begunstigers hebben toegang tot de algemene vergadering. De begunstigers hebben geen stem. De gewone leden, jeugdleden en ereleden hebben ieder één stem. De leden hebben geen passief stemrecht zolang zij niet meerderjarig zijn. Een stemgerechtigde is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een schriftelijk daartoe gemachtigde andere stemgerechtigde.

2. Een stemgerechtigde heeft geen stemrecht over zaken die hem, zijn echtgenoot of een van zijn bloed- of aanverwanten in de rechte lijn betreffen.

3. Een eenstemmig besluit van alle stemgerechtigden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering .

4. Stemming over zaken geschiedt mondeling, over personen schriftelijk. Het aannemen van voorstellen bij acclamatie is mogelijk mits dit geschiedt op voorstel van de voorzitter.

5. Over alle voorstellen betreffende zaken wordt beslist bij volstrekte meerderheid van stemmen, voorzover deze statuten niet anders bepalen. Bij staking van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Bij stemming over personen is hij gekozen, die de volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemen op zich heeft verenigd. Indien niemand die meerderheid heeft verkregen wordt een tweede stemming gehouden tussen de personen die het grootste aantal der uitgebrachte stemmen hebben verkregen en is hij gekozen, die bij de tweede stemming de meerderheid der uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien bij die tweede stemming de stemmen staken beslist het lot. Onder stemmen worden in dit artikel verstaan geldig uitgebrachte stemmen, zodat niet in aanmerking komen blanco en met de naam van het stemmend lid ondertekende stemmen.

6. Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel dat een besluit is genomen, is beslissend. Indien echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan wordt betwist, vindt een nieuwe stemming plaats wanneer de meerderheid der vergadering of indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk was, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt.

Artikel 16

1. De voorzitter van het bestuur leidt de vergadering. Bij zijn afwezigheid of ontstentenis zal een der andere bestuursleden als leider der vergadering optreden.

2. Van het ter algemene vergadering verhandelde worden door de secretaris of een door de voorzitter aangewezen lid der vereniging notulen gehouden.

Artikel 17.

1. Wijziging van de statuten kan slechts plaats hebben na een besluit van de algemene vergadering, waartoe werd opgeroepen met de mededeling dat daarin wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering moet tenminste veertien dagen bedragen.

2. Zij, die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste vijf dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel waarin de voorgestelde wijziging(en) woordelijk is (zijn) opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de gewone leden, jeugdleden, ereleden en begunstigers ter inzage leggen tot na de afloop van de dag waarop de vergadering werd gehouden.

3. Tot wijziging van de statuten kan slechts worden besloten door een algemene vergadering waar tenminste tweederde van het totaal aantal stemgerechtigden der vereniging aanwezig of vertegenwoordigd is, met een meerderheid van tenminste tweederde van het aantal uitgebrachte stemmen.

Artikel 18. Het in artikel 17 bepaalde is niet van toepassing indien ter algemene vergadering alle stemgerechtigden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en het besluit tot statutenwijziging met algemene stemmen wordt aangenomen.

Artikel 19.

1. De statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt.

2. De bestuurders zijn verplicht een authentiek afschrif van de wijziging en de gewijzigde statuten neder te leggen ten kantore van de Kamer van Koophandel en Fabrieken binnen welker gebied de vereniging haar zetel heeft.

Artikel 20. Een bepaling dezer statuten, welke de bevoegdheid tot wijziging van een of meer andere bepalingen beperkt, kan slechts worden gewijzigd met inachtneming van gelijke beperking.

Artikel 21.

1. Behoudens het bepaalde in artikel 50 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt de vereniging ontbonden door een besluit daartoe van de algemene vergadering genomen met tenminste tweederde van het aantal geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin tenminste drievierde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is.

2. Bij gebreke van het quorum kan ongeacht het aantal ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde stemgerechtigden tot ontbinding worden besloten op een volgende, tenminste acht dagen na de eerste te houden vergadering, met een meerderheid van tweederde van het aantal uitgebrachte stemmen.

3. Bij de oproeping tot de in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde vergaderingen moet worden medegedeeld, dat ter vergadering zal worden voorgesteld de vereniging te ontbinden. De termijn voor oproeping tot-zodanige vergaderingen moet tenminste veertien dagen bedragen.

4. Indien bij een besluit tot Ontbinding te dien aanzien geen vereffenaars zijn aangewezen, geschiedt de vereffening door het bestuur.

5. Een eventueel batig saldo zal worden aangewend voor door de algemene vergadering te bepalen zodanige doeleinden als het meest met het doel der vereniging overeenstemmen.

6. Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten en reglementen voor zover mogelijk van kracht. In stukken en aan kondigingen die van de vereniging uitgaan moet aan haar naam worden toegevoegd de woorden "in liquidatie".

Artikel 22.

1. De algemene vergadering kan bij huishoudelijk reglement nadere regels geven omtrent het lidmaatschap, de introductie, het bedrag der contributies en entreegelden, de werkzaamheden van het bestuur, de vergaderingen, de wijze van uitoefening van het stemrecht, en alle verdere onderwerpen waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.

2. Wijziging van het huishoudelijk reglement kan geschieden bij besluit van de algemene vergadering, indien dit schriftelijk wordt verzocht door tenminste een derde gedeelte van de stemgerechtigde leden der vereniging.

3. Het huishoudelijk reglement zal geen bepalingen mogen bevatten die in strijd zijn met de bepalingen van de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, of met deze statuten of met de statuten en de reglementen van de Nederlandse Bridge Bond, gevestigd te ’s-Gravenhage.

Artikel 23. In gevallen waarin deze statuten of het huishoudelijk reglement niet voorzien beslist het bestuur.